Frans Kusters
Gelderse saudade
Ach toen, ja! Vloog je boven landen, wereldsteden en hele continenten! En als een bliksemschicht kwam je tussen de wolkenkrabbers naar beneden gesuisd om voor de verschrikkelijkste misdaden een stokje te steken. Het stikte daar namelijk van de gangsters. Moord en doodslag, bankroof, ontvoering en noem maar op. De booswichten droeg je met handlangers en al over aan de politie die met de eer mocht gaan strijken, want naar erkenning of roem taalde je niet. En dan zweefde je alweer naar een volgend avontuur, nagestaard door een ontroerde menigte.
En intussen hielp je je moeder bij de afwas, voetbalde je met je vriendjes in de modder van de Wedren tot de avond viel. Niemand wist van je heldendaden, iedereen dacht dat je een gewone jongen was.
Wanneer is het eigenlijk opgehouden, dat vliegen? Was dat niet in de tijd dat bondscoach Elek Schwartz in opperste wanhoop gebaarde dat je van de tribune komen moest? Toen Tinus Bosselaar bloedend op de grasmat lag? De Brazilianen stonden op dat moment met 3?1 voor en de scheidsrechter liep al op zijn horloge te kijken. Een zuivere hattrick werd het en het Olympisch Stadion deinde op zijn fundamenten, terwijl je alweer op weg naar huis was, want als je zondags niet voor zessen aan tafel zat, zwaaide er wat. Jaren lager schonk je Juliette Greco met enkele heel fragiele chansons een tweede jeugd en vervolgens heb je de Portugese fado voor de ondergang behoed; je was inderdaad altijd op je sterkst als het om weemoed en schemering en verloren liefde ging. Saudade. Onvertaalbaar woord. Het is niet alleen heimwee, het is ook de verte en het klagen van je dromen.
Maar na verloop van tijd kregen ze, de één na de ander, genoeg van je, de diva's van het Portugese lied. Omdat ze voortaan artistiek op eigen benen konden staan. Zeiden ze. In werkelijkheid draaide het om vette Amerikaanse platencontracten. Sindsdien is de fado daar de fado niet meer.
Toen ben je hier maar voor jezelf begonnen, berooid en inmiddels de veertig al ruimschoots gepasseerd. Een eenmanszaak in Gelderse saudade. Kan het ellendiger? Want voor klachten moet je in dit land bij de psychiater zijn of bij een praatgroep of bij de nationale ombudsman. Droom je nog wel eens? Ja, je droomt, eerlijk gezegd, nooit niet. Je droomt van avondjes met kampeer?dia's bij overburen die een heel fijne neus hebben voor ideale campings. Van vermakelijke ontmoetingen in de supermarkt aan de Daalseweg. Dat de verloofde van Tinus Bosselaar en jij een hopeloos vochtige kelder van een herenhuis in Kampen aan het witten zijn. En dat je bij een concern werkt waar een enorm communicatieprobleem heerst en dat je samen met een paar collega's op zekere dag bij toeval ontdekt dat het eigenlijk niet aan de communicatie ligt, maar aan de identiteit van de instelling en ook aan de uitstraling, en dat jullie daarover tot diep in de nacht de ene e?mail na de andere naar de directie sturen.