Hard gras

https://www.hardgras.nl

Delen op Google Plus Delen op Facebook Delen op Twitter

Uli

17 maart 2014

Uli Hoeness zit in mij. Al bijna 38 jaar. En telkens als ik hem op televisie zie, of over hem lees, ga ik terug in de tijd en ben ik weer dat gelukkige jongetje van tien. Ik werd nageroepen op straat. “Hé, Uli!” En dan lachte ik.
Het is 1976. De zomer van Panenka. Duitsland heet nog West-Duitsland, en het West-Duitse voetbal wordt gehaat. Wat hebben we genoten van die penalty van Panenka, waardoor niet West-Duitsland, maar Tsjechoslowakije Europees Kampioen is geworden (na het nemen van strafschoppen).
Overal spelen we de strafschop na. Soms zelfs zonder bal, middenin de Hamburgerstraat. Als we doelman zijn, duiken we naar rechts. Als we Panenka zijn scheppen we de bal door het midden tegen de blinde muur van de school, ruim onder de met krijt getekende lat. En dan lopen we uitbundig juichend weg.
Op een dag besluit de koning van de klas, de knikkerkampioen, dat het toneelstukje er nog mooier zal uitzien als we de laatste strafschop van de West-Duitsers ook zullen naspelen,
De gemiste strafschop van Uli Hoeness. Hoeness die de bal hoog over schoot.
Niemand wil Uli spelen, want niemand wil een Duitser zijn.
We loten.
Ik ben de Uli.
Ik wil niet, maar als ik wegloop lig ik er uit, en mag ik nooit meer Panenka zijn.
Ik leg de pal op de stip.
Mijn optreden is een groot succes want de bal verdwijnt nog hoger over het doel dan de bal die Hoeness in Belgrado over het doel van Ivo Viktor schoot. Mijn klasgenootjes juichen. Sandra Rozendaal glimlacht. Ik glunder.
Ik ben een verschrikkelijk slechte knikkeraar, maar dit gaat me goed af.
Ik besluit Duitser te blijven. Niemand die die rol van me wil overnemen.
Iedereen is die zomer Antonin Paneka, maar alleen ik ben Uli. Uli Hoeness.

Delen op Twitter Delen op Facebook Delen op Google Plus

Tags voor deze blog: , ,

Nog meer blogs van Maarten Moll

Lees alle blogs van Maarten Moll >

Maarten Moll